Spoorlijn Deventer - Almelo

Uit Somda RailWiki
Versie door Taigagaai (overleg | bijdragen) op 19 jun 2016 om 22:48 (Aanleg, stations en dienstregeling)
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

De Spoorlijn Deventer - Almelo is de spoorlijn tussen deze twee plaatsen en heeft een lengte van 38,5 kilometer.

Geschiedenis

In 1878 werd de Locaalspoor- en Tramwegen vastgesteld. Met deze wet was het mogelijk om spoorwegen aan te leggen waar minder hoge eisen worden gesteld op het gebied van beveiliging en maximale aslast. Door deze lagere eisen lag de maximumsnelheid ook lager dan bij hoofdspoorwegen. De maximumsnelheid bedroeg in de begintijd dan ook slechts 30 kilometer per uur. In werd de snelheid verhoogt naar 40 kilometer per uur. Ook was de aanleg van de spoorlijn goedkoper met deze lagere eisen. Na 1880 kwamen overal locaalspoorwegmaatschappijen in opkomst om dunner bevolkte gebieden te ontsluiten. De exploitatie werd echter overgedragen aan de HSM of SS. De meeste lokaalspoorwegen sluiten echter al in de jaren '30 van de twintigste eeuw. Een aantal spoorlijnen zijn opgewaardeerd tot hoofdspoorweg, zoals de spoorlijn tussen Deventer en Almelo. De spoorlijn tussen deze plaatsen werd aangelegd door de NLS (Nederlandse Locaalspoorweg-Maatschappij). De spoorlijn wordt door de HSM geëxploiteerd. In Deventer is hiervoor een nieuw station gebouwd. In Almelo sluit de spoorlijn aan op de spoorlijn naar het Duitse Salzbergen. In Wierden en Almelo werd gebruik gemaakt van de stationsgebouwen van de SS. Op 25 augustus 1888 reed de eerste trein over het traject.


Aanleg

Bij Rijssen werd bij het riviertje de Regge een draaibrug aangelegd voor de scheepvaart. Voor deze brug werd aan de kant van Wierden aan de zuidkant een wachterswoning gebouwd.

Beveiliging

Omdat de spoorlijn als lokaalspoorlijn is aangelegd, is er in deze periode nauwelijks beveiliging. Pas bij de omvorming naar hoofdspoorlijn wordt de spoorlijn voorzien van beveiliging. Door de HSM worden armseinen geplaatst. De armseinen beveiligen blokken volgens het blokstelsel I uit 1880 van de HSM. Als in 1910 de spoorlijn tussen Wierden en Rijssen wordt verdubbeld, wordt het blokstelsel III in gebruik genomen. In Rijssen worden twee seinhuizen geplaatst. In het station komt Post T en aan de oostzijde van het emplacement wordt Post I gebouwd. In september 1968 wordt het traject tussen Deventer en Wierden voorzien van geautomatiseerde NX-beveiliging. Deze wordt op 15 september 1968 in gebruik genomen. De bediening van dit baanvak vindt plaats vanuit de CVL post in Deventer. Hiermee is een groot deel van de spoorlijn tussen Amersfoort en Twente voorzien van automatische beveiliging en komen zeven wacht- en blokposten op het traject te vervallen. Ook worden 29 overwegen voorzien van knipperlichten. Acht overwegen worden voorzien van overwegbomen. De stations van Holten en Rijssen krijgen overwegbomen voor de overpaden naar de perrons.


Wijzigingen

  • In 1891 werd besloten om de spoorlijn tussen Apeldoorn en Almelo op te waarderen naar hoofdspoorweg, zodat er via dit traject een goede verbinding met Duitsland ontstond. Deze werkzaamheden waren op 11 augustus 1892 voltooid.
  • In 1910 wordt het gedeelte tussen Rijssen en Wierden verdubbeld.
  • In 1917 werd besloten om de spoorlijn tussen Apeldoorn en Hengelo de belangrijkste verbinding te maken tussen de Randstad en Twente. Hierop werd de spoorlijn verdubbeld. De spoorlijn tussen Apeldoorn en Hengelo via Zutphen werd hierbij tot regionale spoorlijn bestempeld.


  • In het najaar van 1949 wordt begonnen om het traject Amersfoort - Enschede te elektrificeren. In 1950 komt bij Deventer de brug over het Overijssels Kanaal dubbelsporig in dienst.


Stations

De spoorlijn kende een aantal stations, die door de KNLS werden gebouwd. Deze waren ontworpen door architect K.H. van Brederode. De ontworpen stations waren er in drie klassen. Op 22 juli 1886 werd de bouw van de stations van Colmschate, Dijkerhoek, Bathmen, Holten en Rijssen aanbesteed. De Deventerse aannemer H. van der Worp was de laagste inschrijver die de stations mocht bouwen.

Deventer

Het beginpunt van de spoorlijn in Deventer was het station Deventer van de KNLS. In 19 werd het stationsgebouw verlaten en werd gebruik gemaakt van het Staatsspoorstation. Het station ligt op kilometer punt 0,0.

Deventer Colmschate

Het station ligt op kilometer punt 3,8.

Colmschate

Het station ligt op kilometer punt 4,1.

Bannink

Het station lag op kilometer punt 6.7.

Dijkerhoek

Het station lag op kilometer punt 8,6.

Holten

Het station ligt op kilometer punt 18,7.

Rijssen

Het station ligt op kilometer punt 26,1.

Notter

Het station lag op kilometer punt 28,6.

Wierden

Het station ligt op kilometer punt 33,8.

Almelo

Het station ligt op kilometer punt 38,5.


Dienstregeling

Als in 1917 de HSM en SS gaan samenwerken, wordt de spoorlijn bestempeld als belangrijke spoorlijn voor het treinverkeer met Noord-Duitsland. Zo worden er doorgaande treinen ingezet tussen Amsterdam - Enschede - Duitsland. Later komen daar treinen vanuit Rotterdam en Den Haag bij. Ook worden boottreinen ingelegd vanuit Berlijn naar Hoek van Holland. Deze treinen bieden aansluiting op de boot naar Engeland.


Opening

Op 1 september 1888 wordt de spoorlijn in gebruik genomen, nadat op 25 augustus 1888 al een trein het gehele traject had bereden.