Rangeerterrein Susteren

Uit Somda RailWiki
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

Geschiedenis

Kort na de eeuwwisseling constateerde de Raad van Toezicht op de Spoorwegdiensten dat er in Zuid-Limburg weinig ruimte was om grote rangeerterreinen aan te leggen. Deze ruimte was nodig voor het verzamelen van kolenwagens uit de mijnen in de omgeving. De Raad gaf de voorkeur om het rangeerterrein in Sittard of ten noorden daarvan aan te leggen. De keus viel uiteindelijk op Susteren, waar ten noordoosten van het het station het rangeerterrein werd aangelegd. Door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, mochten er geen kolentreinen meer rijden naar het buitenland. Hierdoor groeide het aantal kolentreinen dat binnen Nederland zou rijden, enorm. In 191 werd begonnen met de aanleg van dit rangeerterrein, dat in 1917 in dienst kwam. Vanaf dit rangeerterrein werden de beladen kolenwagons door heel Nederland verzonden. Dit ging naar zowel de industrie als naar kolenhandelaren die gevestigd waren aan de losweg van een station.


Bediening

Vanuit de mijnen worden alle beladen wagens naar Susteren overgebracht voor verdere doorvoer naar de rest van Nederland.

Vanaf 1953 worden de kolentreinen opgenomen in het wagenladingensysteem, waarmee het rangeerterrein als groepshoofdstation wordt aangewezen voor wagenladingvervoer. Vanuit het groepshoofdstation worden alle wagens uit de regio verzameld om naar een van de andere 11 groepshoofdstations te worden vervoerd, zodat de wagens bij hun klanten terecht komen. Het rangeerproces op het groepshoofdstation vond als volgt plaats: Vanuit de regionale stations komen de buurtgoederentreinen aan in het groepshoofdstation aan het eind van de middag en in de loop van de avond. Aan het begin van de avond worden eerst de lokale wagens en vervolgens de wagens van de buurtgoederentreinen geheuveld en gesorteerd. Aan het eind van de avond worden de groepstreinen gereed gemaakt voor vertrek. Sommige groepstreinen worden gecombineerd voor 2 of 3 groepsstations. Tussen 23.30 en 2.00 vertrekken de groepstreinen. De wagens voor de eigen groep worden na 2.00 gesorteerd als begin voor de buurtgoederentreinen van de volgende dag. Tussen 2.00 en 5.30 komen de nieuwe groepstreinen aan op het station. Na aankomst worden zij gerangeerd in nieuwe buurtgoederentreinen voor de regionale stations. Deze vertrekken voor 8.00. De wagens voor de lokale bediening worden in de loop van de ochtend bij de klanten geplaatst.


In 1965 valt het besluit om de mijnen in Zuid Limburg te sluiten en in 196 sluit de laatste mijn, zodat aan het omvangrijke rangeerwerk een eind komt.


Locomotiefdepot

Het rangeerterrein kende een eigen depot waar de rangeerlocomotieven waren gehuisvest en hun onderhoud kregen. Het depot wordt op geopend.

Als gevolg van de economische crisis in de jaren '30, besluit de NS om diverse depots de sluiten. Het locomotiefdepot van Susteren sluit op 6 oktober 1935. De 5 locomotieven (6218, 6233, 9503, 9504 en 9505) die op dat moment gehuisvest waren, gingen over naar het depot van Heerlen. Uitzondering was de 9503, welke naar de Centrale werkplaats in Tilburg ging voor een grote herstelling.

Het rangeerterrein omvatte ook een locomotiefdepot, waar tussen 1917 en 1935 de volgende series waren gehuisvest:

  • 700;
  • 3700;
  • 6200;
  • 7100;
  • 9500